Protozoaire infecties - Pneumocystis
NVP Parasieten factsheets: Humaan - Protozoaire infecties - Pneumocystis - Pneumocystis jiroveci |
|
|
|
| Redactie | P. Beckers, H. Sluiters |
| Laatste update | 18-06-2007 |
| Groepsnaam | |
| Officiële naam parasiet | Pneumocystis jiroveci |
| Algemeen | Voorheen Pneumocystis carinii |
| Indeling | Organismen met een onduidelijke positie tussen dierenrijk en plantenrijk. Op basis van DNA studies zijn er vooral overeenkomsten met schimmels (Fungi) aangetoond; morfologisch en fysiologisch zijn er ook overeenkomsten met ééncelligen (Protozoa) gevonden. |
| Parasitaire aandoening | Pneumocystose, PcP (Pneumocystis pneumonie) |
| Nederlandse (populaire) naam | Voor parasiet: Pneumocystis (geen Nederlandse naam beschikbaar) Voor ziekte: pneumocystose, Pneumocystis pneumonie, PcP |
| Engelse naam | Voor parasiet: Pneumocystis Voor ziekte: pneumocystosis, Pneumocystis pneumonia, PcP |
| Wijze van overdracht | Pneumocystis wordt via de lucht ingeademd; hoe dit precies gaat is niet overtuigend bewezen. Infectie van mens op mens is mogelijk. Ziekte (de longontsteking) ontstaat alleen bij personen met een verminderde weerstand. De belangrijkste risikofactor is het aanwezig zijn van een verminderde weerstand, zoals bij een HIV infectie, het ondergaan van chemotherapie of transplantatie. |
| Levenscyclus | Zie Medische Parasitologie: hoofdstuk 3.7, pagina 54-57. Eenvoudige uitleg: Pneumocystis wordt in de longen aangetroffen; een geleidelijke massale vermenigvuldiging leidt tot vermindering van de functie van de longblaasjes waardoor de gasuitwisseling afneemt. Het eerste gevolg daarvan is kortademigheid Afbeeldingen: Zie CDC Internet: Omschrijving cyclus (Engels) |
| Distributie over de wereld | Pneumocystis wordt wereldwijd aangetroffen |
| Situatie in Nederland | In principe een levensbedreigende infectie bij mensen behorend tot een risicogroep. Door toepassing van profylaxe is het aantal gevallen van pneumocystose in Nederland beperkt. Zie verder: http://www.wvac.nl |
| Diagnostiek | Zie Medische Parasitologie: hoofdstuk 3.7, pagina 54-57. De laboratoriumdiagnostiek van pneumocystose berust vooral op het microscopisch aantonen van de parasiet; bij voorkeur gebruikt men materiaal dat uit de long is verzameld. Naast conventionele kleurmethoden worden ook fluorescerende monoklonale antistoffen gebruikt in de microscopie. Met moleculair biologische technieken (PCR) kan Pneumocystis-DNA aangetoond worden in materiaal uit de bovenste luchtwegen; dit wordt slechts in enkele centra als routine-bepaling toegepast. Zie ook: diagnostisch kompas Zie ook: CDC In het Nederlands Tijdschrift voor Medische Microbiologie (2007;15:62-65) geven Linssen en collega-s een overzicht van de stand van zaken aangaande de laboratoriumdiagnostiek van Pneumocystis jiroveci gericht op de Nederlandse situatie. |
| Protocollen Diagnostiek | Giemsa kleuring Ammoniakale Zilvernitraatkleuring volgens Churukian en Schenk |
| Klinische aspecten | Zie Medische Parasitologie: hoofdstuk 3.7, pagina 54-57. Kortademigheid, koorts en droge hoest zijn de (weinig kenmerkende) symptomen van pneumocystose. Verstoord evenwicht van de bloedgassen en een typisch beeld op röntgenfoto's geven verdere aanwijzingen voor de diagnose. Bij HIV-geïnfecteerden of AIDS patiënten ontwikkelt de pneumocystis pneumonie zich meestal heel geleidelijk, terwijl dat bij andere risicogroepen zeer snel, binnen enkele dagen, kan gaan. Zie ook: CDC |
| Behandeling (gangbare medicatie) | Eerste keuze is trimethroprim sulfamethoxazol (co-trimoxazol), eventueel te geven met andere middelen die de ontstekingsreactie in het longweefsel remmen en de bereikbaarheid van die weefsels voor het geneesmiddel bevorderen. Zie ook: trimethoprim-sulfamethoxazol (co-trimoxazol) |
| Bescherming tegen infectie | Alleen nodig bij mensen behorend tot een risicogroep. Het is niet mogelijk om een infectie te voorkomen; wel is profylaxe beschikbaar om de ontwikkeling van de ziekte pneumocystose te voorkomen. |
| Verdere informatie over patiënten diagnostiek en behandeling in Nederland | Alle (grote) medische centra die de patiënten uit de risicogroepen behandelen, stellen zelf de diagnose en bepalen het profylaxe- en therapie-schema. Voor vakinhoudelijke informatie of overleg (alleen voor professionals) over diagnostiek en behandeling, zie contact gegevens diagnostische centra. |
| Wetenschappelijk onderzoek naar diagnostiek en behandeling in NL | Gezamenlijk onderzoek naar diagnostiek op Pneumocystis-DNA loopt in de universitaire medische centra van Nijmegen, Maastricht en Leiden. Maar ook in andere centra wordt onderzoek naar de diagnostiek gedaan. |
| Achtergrond informatie voor professionals | |


